Advies Stakeholders

stakeholdersbrief

stakeholdersbrief2

mackusPS heeft nog geen besluit genomen, maar de Stakeholders zijn reeds bedankt en zijn buiten spel gezet. Verder zijn hun adviezen nergens meer terug te vinden.

stakeholders

stakeholders1

 

stakeholders2

 

stakeholders3

stakeholders4

In dit verslag komen Stakeholders en andere belanghebbenden aan het woord:

Verslag themaraad wegverbinding A2-N266 Nederweert

 

stakeholders7

Op basis van het MER kan gesteld worden dat alternatief 1A als beste aan de doelstellingen voldoet. Een opwaardeeralternatief (1A+) zou zelfs aan alle doelstellingen kunnen voldoen. De randwegalternatieven 2A en 2B voldoen in alle onderzochte varianten slechts in zeer beperkte mate aan de doelstellingen van het project (zie ook tabel 1).

Voor wat betreft de effecten heeft het MER aangetoond dat de alternatieven 2A en 2B voor alle thema’s vele significant negatieve effecten met zich meebrengen, en met name in het kader van de thema’s verkeer, natuur, landschap en ruimte. Alternatief 1A kent daarentegen geen significant negatieve effecten m.b.t. deze thema’s ten opzichte van de alternatieven 2A en 2B.

Het positieve effect dat de randwegalternatieven conform het MER op milieu/leefbaarheid hebben is beperkt tot effecten voor de inwoners van de kernen. Deze positieve effecten gaan echter zwaar ten koste van de leefomstandigheden voor de inwoners in het buitengebied. Dat de beoordelingstabel in het MER impliceert dat de alternatieven 2A en 2B binnen deze thema’s positief scoren, is enkel en alleen toe te schrijven aan het feit dat in het buitengebied minder mensen woonachtig zijn dan in de kernen.

Verder blijven deze positieve effecten van alternatief 2A en 2B beperkt tot de mate waarin het Masterplan kan worden uitgevoerd. De huidige ligging van de N266 is geen belemmering voor de uitvoering van het Masterplan. Slechts de mate waarin voldaan kan worden aan de gemeentelijke ambities voor het Masterplan is relevant voor het al dan niet verleggen van de N266. Dit is voor de stakeholders echter van onderschikt belang omdat veel aspecten uit het Masterplan wel mogelijk blijven. De vele significant negatieve effecten van de alternatieven 2A en 2B en de barrièrewerking van het Kanaal wegen niet op tegen de gemeentelijke ambities.

Naar verwachting zal een opwaardeeralternatief van 1A (1A+) voor vrijwel alle thema’s en sub-thema’s positief kunnen uitpakken. Zo een variant is echter, ondanks herhaaldelijk advies vanuit de stakeholders, niet onderzocht. De significant negatieve effecten van de alternatieven 2A en 2B wegen dan ook in de ogen van de alliantie niet op tegen de beperkte positieve effecten van deze randwegalternatieven die middels maatregelen op het huidige tracé eveneens gerealiseerd kunnen worden.

Overigens zijn de positieve effecten van de randwegalternatieven beperkt tot lokale effecten voor de kernen. Een randwegalternatief behaalt op generlei wijze een provinciaal doel. Het MER toont aan dat een randwegalternatief negatieve effecten heeft op voor het buitengebied, zoals sluipverkeer, slechte bereikbaarheid voor landbouwverkeer en barrièrewerking.

De kosten voor een randwegalternatief (2A of 2B) liggen rond de 16 à 31 miljoen (sobere variant), terwijl de kosten voor alternatief 1A rond de 5 à 9 miljoen liggen. De kosten voor de randwegalternatieven liggen dus 3 à 4 keer zo hoog als bij alternatief 1A. Gezien het feit dat de randwegalternatieven 2A en 2B slechts in zeer beperkte mate voldoen aan de doelstellingen en er vele significant negatieve effecten mee gemoeid zijn, is naar onze mening een dusdanig hoger bedrag niet gerechtvaardigd, des te meer omdat er geen provinciaal doel wordt gediend. Overigens laat een keuze voor alternatief 1A financieel veel ruimte over voor een opwaardeervariant waarbij voor alle thema’s winst kan worden geboekt.

Op basis van het bovenstaande kunnen wij als alliantie van stakeholders niet anders dan adviseren om alternatief 1A aan te wijzen als voorkeursalternatief voor het project N266. Tevens willen wij ook adviseren om in een verdere fase van de MER een opwaardeervariant van alternatief 1A uit te werken. Verwachting is dat zo een alternatief met relatief beperkte kosten positieve effecten heeft, met name voor de inwoners van de kern, en kan bijdragen aan de gemeentelijke ambities.

Wij  verzoeken u dit advies te betrekken bij het opstellen van het statenvoorstel inzake het voorkeursalternatief N266.

Het volledige advies is hier te downloaden:  Advies stakeholders september 2014

stakeholders5

 

 

stakeholders5a

 

stakeholders6

 

stakeholders8